Archol in de Caraïben

Archol zit weer op de Antillen

Van 24 februari tot en met 11 maart 2016 voert lithisch specialist Sebastiaan Knippenberg een analyse uit van het steenmateriaal afkomstig van de Indiaanse site Roseau aan de oostkust van het Frans Antilliaanse eiland Guadeloupe. De Franse opgravingsinstantie Institut national de recherches archéologiques préventives (INRAP) heeft daar in 2015 een opgraving uitgevoerd binnen een nederzetting, die bewoond is geweest gedurende de laatste paar eeuwen voorafgaande aan de komst van Columbus.  Het interessante aan de site is dat er ook sprake van hernieuwde Indiaanse bewoning is geweest, nadat de Europeanen al een tijd lang de eilanden bezochten, iets wat tot nu toe weinig is aangetroffen binnen de Antillen.

De voorlopig eerste bevindingen van de bestudering van het steen laten een opmerkelijke rijkdom aan maalstenen en mortars  (vijzels) zien, iets wat waarschijnlijk kan worden toegeschreven aan de gemakkelijke toegang tot bruikbaar steen op dit vulkanische deel van Guadeloupe. 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Onderzoek van lithisch materiaal van Precolumbiaanse nederzettingen op Guadeloupe

Komende maand juli 2015 zal lithisch specialist Sebastiaan Knippenberg naar het Frans Antilliaanse eiland Guadeloupe afreizen om daar collecties lithisch materiaal van verschillende Precolumbiaanse nederzettingen te bestuderen. Het materiaal is de afgelopen twee jaar door de lokale dependance van de Franse opgravinginstelling INRAP opgegraven. Het gaat om nederzettingen uit de laat-Keramische periode. Deze periode duurde van 800 na Chr. tot aan de komst van Columbus, die het eiland op zijn tweede reis in 1493 aandeed.

De Indiaanse bevolking van de Cariben kende het gebruik van metaal niet en waren voor de vervaardiging van veel werktuigen grotendeels op steen aangewezen. Buiten een functioneel gebruik kent de regio ook een grote rijkdom aan stenen kralen, hangers en zelfs rituele objecten. Anders dan in Nederland lag voor de inheemse Antilliaanse bewoners veel bruikbaar materiaal binnen handbereik. Daar de Kleine Antillen echter geologisch sterk van elkaar verschillen, was de mate van beschikbaarheid wel sterk afhankelijk van op welk eiland je je bevond.  Sommige eilanden boden een grote rijkdom aan bruikbare stenen materialen, andere eilanden waren juist arm aan geschikte gesteentes. Door deze grote verschillen bestond er een druk uitwisselingsverkeer tussen de verschillende eilanden en dit maakt naast de grote verscheidenheid aan werktuigen en objecten, het onderzoek van stenen artefacten in deze regio zo interessant.