Archol is deze week begonnen met opgravingen op het terrein van het voormalig ziekenhuis Gelderse Vallei in Bennekom. Het vooronderzoek had veel sporen opgeleverd uit de bronstijd en ijzertijd (1800-15 v. Chr.) en dus waren de verwachtingen hoog. De start van het veldwerk was wat moeizaam. De bouwhekken, een deel van het graafteam en de keet, container en het toilet lieten op een warme maandagochtend op zich wachten. Maar om 10.30 uur konden we met de eerste put beginnen, door het midden van het terrein, waar het laag was.
Deze eerste sleuf leverde tot teleurstelling van het team weinig op. Het was ter plaatse al aardig verstoord en behalve de talloze recente sporen, was het sporenvlak akelig leeg. Alleen in het uiterste noorden van de sleuf, pal tegen de grenzen van het opgravingsterrein, waar het terrein wat opliep, werd het beter. De eerste paalsporen en een enkel kuiltje konden worden opgetekend en afgewerkt. Omdat niet zeker was of het op andere, lagere delen op het terrein net zo erg was, werden enkele zoeksleuven gegraven. Helaas, ook daar was het niet helemaal goed gegaan met de sloop van de gebouwen twee jaar geleden.
Na drie dagen, de hitte had het team gedwongen een tropenrooster in te stellen, kon de balans opgemaakt worden: de lagere delen van het terrein waren te verstoord. Op donderdagochtend werd de eerste sleuf op de hogere delen gegraven en daar bleek al gauw dat hier de vindplaats nog wel redelijk bewaard gebleven was. Al meteen in de eerste meters was sprake van paalsporen en kuilen. Het aantal sporen nam in noordelijke richting toe en de indruk bestond dat we in de kern van de huisplaats uitkwamen. En met de vondst van een rechthoekige, drieschepige plattegrond (minimaal 8x5 m) van een huis dat op typologische gronden in de vroege ijzertijd kan worden geplaatst (vergelijkbaar met huisplattegronden uit Wijk-bij-Duurstede), enkele afvalkuilen, één of twee graanopslagkuilen en een bijgebouwtje, wisten we het zeker. Helaas is het noordelijk deel van het huis verstoord door recente bodemingrepen. Er zijn ook grote, ronde grondsporen, waarvan enkele overstoven boomvallen blijken te zijn. In een enkel geval is echter mogelijk sprake van een waterput. Er is mogelijk ook sprake van enkele haardkuiltjes of houtskoolrijke kuilen. Een opmerkelijk spoor betreft een deel van een ringsloot of kringgreppel. Hierover weten we in de loop van de volgende week meer, als ter plaatse de put verder wordt uitgebreid.
Het totaalbeeld is dat van een eenfasig erf met een huis, bijgebouw(en), graanopslagkuilen, afvalkuilen, een waterput, misschien nog enkele haarden en een kringgreppel, waarvan de functie nog niet duidelijk is.
In een van de kuilen werd tamelijk veel aardewerk gevonden, waaronder een bijna complete pot. Tot nu toe is al het gevonden aardewerk te dateren in de vroege ijzertijd. Dat lijkt dus de datering van deze huisplaats te zijn.
|